"Uniper wil al in 2035 klimaatneutraal zijn"

Een kolencentrale die uiteindelijk zal gaan sluiten, maar ook nieuwe kansen voor de productie van groene waterstof. Dat is Uniper, een bedrijf met een ambitieuze visie op de energietransitie. Het vergroenen speelt een rol door het gehele bedrijf. Zo rijden de meeste bedrijfsauto’s al volledig elektrisch en dat geldt ook voor veel leaseauto’s. Alleen al op het terrein op de Maasvlakte staan 42 laadpalen om alle auto’s van stroom te voorzien. ‘Als je als bedrijf zelf niet meedoet aan de energietransitie, speel je straks niet meer mee,’ is het motto.

Al in de verte zijn de kenmerkende contouren van de Uniper kolencentrale te zien. Nu nog wel, want als straks de productie van de kolencentrale eindigt, zal op termijn de grote centrale uit het zicht verdwijnen. Uniper is als merknaam voor velen wellicht niet zo bekend. Het Duitse energiebedrijf is een afsplitsing van het veel bekendere E.ON. Onder de Uniper naam wordt elektriciteit geproduceerd en aan de groothandelsmarkt geleverd. Uniper is een afkorting en samenvoeging  van de woorden “unique” and “performance”.

Pragmatische strategie

“Onze kolencentrale van 1100 megawatt is pas in 2016 officieel opgeleverd. We hebben dus een vrij nieuwe centrale. Maar al in 2020 heeft Uniper besloten toe te werken naar het volledig CO₂ neutraal produceren van energie in 2035. Een hoge ambitie waar we trots op zijn. We produceren nu stroom met kolen als basisbrandstof. Daarnaast maken we gebruik van biomassa en reststromen uit de omliggende industrie waardoor onze stroom zo’n 30% groener wordt.” André de Bruine is projectmanager Facilities en nu voornamelijk belast met de sloop van de 2 oude kolen units MPP1 & 2. “De overgang van stroomproductie naar de productie van groene waterstof past prima bij onze visie waarin we zoveel mogelijk willen vergroenen. De nieuw te bouwen waterstoffabriek realiseren we in nauwe samenwerking met het Havenbedrijf Rotterdam. Het worden units van 100 megawatt capaciteit. De eerste zou rond 2025 in bedrijf moeten zijn met een verdere uitbouw naar 500 megawatt capaciteit in 2030. Dan zijn we in Nederland een van de grootste producenten van duurzame waterstof. Om in 2035 klimaatneutraal te zijn, hebben we een pragmatische strategie voor ogen die innovatie omarmt. Het gaat om de trits decarbonisatie, klanttevredenheid en leveringszekerheid. Duurzaamheid gaat dus hand in hand met op maat gemaakte klantoplossingen en zekerheid van energielevering. De ligging van onze centrale op de Maasvlakte helpt daarbij. Alle benodigdheden voor een succesvolle energietransitie komen hier bij elkaar, zoals energie uit windparken op zee, een zeehaven die geschikt is voor de import van groene brandstoffen en er ligt al belangrijke infrastructuur zoals het hoogspanningsnet en de toekomstige waterstofpijpleiding. Als je als bedrijf niet meedoet aan de energietransitie, speel je straks niet meer mee,” weet De Bruine. “We merken dat de tijd er rijp voor is. Ook de medewerkers staan positief tegenover de vergroening.”

Van collectief vervoer naar elektrisch rijden

“In het najaar ondertekenen we ook de Intentieverklaring Klimaatakkoord Duurzame Mobiliteit Rotterdam,” vervolgt De Bruine. “We willen de gemeenschap de boodschap meegeven dat we serieus bezig zijn met de energietransitie. Nu is onze energie opgewekt op de Maasvlakte voor 30% groen, straks helemaal. Dat maken we ook visueel als in de toekomst de hoge schoorstenen uit het gezichtsveld zullen verdwijnen. We doen veel en willen dat laten zien. Ook op het gebied van duurzame mobiliteit zijn we altijd zo groen mogelijk geweest.”

“Toen de centrale op de Maasvlakte startte, was er voor medewerkers collectief bedrijfsvervoer. Vanuit Spijkenisse en Rotterdam, later ook vanuit Hellevoetsluis, Rockanje en Oostvoorne reden er bussen naar onze fabriek op de Maasvlakte. Door verschillende shifttijden op de Maasvlakte was het niet mogelijk om een integraal vervoerssysteem op te zetten. Uiteindelijk is het een maatwerk systeem geworden. In het verleden werden er naast de reguliere busdiensten ook taxi’s besteld om de mensen die in de shifts werkten of die moesten overwerken heen en weer te rijden. Jaarlijks een enorme kostenpost. Daarom zijn we overgegaan op kleine busjes, shuttles. Kleine groepen medewerkers die met elkaar meerijden. Dat is veel flexibeler. Maar ook dat systeem zijn we nu aan het afbouwen. Medewerkers die nieuw in dienst komen, kunnen meerijden maar alleen als er plaats is. Er is geen garantie op een plek in de shuttlebus. Er is sinds 2020 ook de mogelijkheid om met het openbaar vervoer, opgezet door vervoersonderneming EBS, op de locatie Maasvlakte te komen. EBS heeft zelfs een bushalte geplaatst nabij de hoofdingang. Dus nieuwe medewerkers wijzen wij op deze optie van vervoer.”

Elektrisch rijden is luxe en dus gewild

Om het elektrische rijden van de bedrijfswagens te faciliteren zijn er op het terrein 42 elektrische laadpalen binnen de poorten geplaatst. Deze zijn nu vrij te gebruiken zonder dat men hiervoor moet inloggen op een betaalsysteem. Want niet alleen het bedrijfspersonenvervoer is zo veel mogelijk elektrisch maar ook het bedrijfsvervoer. De Bruine: “Vorige maand zijn er in het kader van de vergroening weer nieuwe elektrische bedrijfsauto’s bij besteld maar die worden pas in februari geleverd. Medewerkers kunnen nu nog op ons terrein de elektrische auto laden aan de laadpaal. Daarnaast ontvangen ze mogelijk ook nog een kilometervergoeding. Daar komt verandering in: de opties zijn dan: of een vergoeding of gratis laden op het terrein. Van de bedrijfsauto’s is straks, als de nieuwe typen zijn geleverd, circa 2/3 elektrisch. Van de lease auto’s is dat inmiddels 95%. Medewerkers rijden graag elektrisch omdat deze auto’s vaak veel luxer zijn uitgerust. En het is ook fiscaal aantrekkelijk. We proberen ook zoveel mogelijk laadpalen te regelen voor medewerkers thuis maar dat kan eigenlijk alleen als ze zelf een parkeerplek hebben. Je merkt dat gemeenten voor laadplekken op straat nog niet zo hard lopen. Natuurlijk zijn er ook medewerkers die op de fiets naar de Maasvlakte komen. Vaak zijn dat de ‘diehards’, want het is voor de meesten een hele afstand. Voor hen hebben we een fietsregeling. Ook thuiswerken kan nog steeds maar vanaf 4 oktober geldt de regel dat je er eerst afspraken over maakt. Werken moet niet op kantoor, je mag ook thuiswerken. Maar dit gaat altijd in overleg met de lijn manager.”