"Maak gezonde mobiliteit tot de norm"

Wie nu aan gezonde mobiliteit denkt, denkt aan het voorkomen van ziekte, aan verplichte mondkapjes in het openbaar vervoer en aan afstand houden. Hans Stevens, programmamanager bij De Verkeersonderneming, denkt bij mobiliteit niet alleen aan de afwezigheid van ziekte, hij gaat nog een stap verder en denkt aan gezonde mobiliteit. Om dat te bereiken wil hij onderzoeken wat we moeten verstaan onder gezonde mobiliteit, onder meer door dicht bij de reiziger te staan en te achterhalen hoe die denkt over gezonde mobiliteit. Daarbij wil hij samen met beleidsmakers nadenken over de vraag of fysieke mobiliteit wel altijd in omvang moet blijven groeien, wil hij de omgeving gezonder inrichten en ziet hij kansen om juist nu de schakels in de reis via regels en belastingen tot een keten te smeden.
Een gesprek.

“Bij mobiliteit ging het altijd om te veel op het zelfde moment, denk maar aan de files en de vertragingen,” zo steekt Stevens van wal. “Door de coronacrises ervaren we nu ineens overal ter wereld stilstand. Om onze economie te herstellen en de samenleving weer op gang te laten komen moeten we gezonde manieren van reizen zien te vinden. We moeten de focus verschuiven van groeiende en snelle mobiliteit naar selectieve en minder fysieke mobiliteit, naar gezonde mobiliteit dus.”

Tweedeling in de maatschappij

“Veel mensen zullen straks weer terugvallen in het oude patroon. En niet alleen dat, velen zullen zonder een proactieve rol van ons als overheid de overstap maken van het ov naar de auto omdat ze dat veiliger vinden. De transitie die we de afgelopen jaren in gang hebben gezet wordt dan teniet gedaan. Met meer files, meer uitstoot van schadelijke stoffen, een grotere druk op de publieke ruimte en een grotere tweedeling in de maatschappij tussen de “gelukkigen” die wel en de “ongelukkigen” die geen auto hebben. Opvallend is dat zelfs bij MaaS, waarbij een ‘beter’ reisgedrag beoogd wordt door reizigers te voorzien van goedkopere, snellere, comfortabelere en duurzame reismogelijkheden, het woord gezondheid nauwelijks voorkomt.”

Uit de crisis investeren

Stevens ziet duidelijk voor zich wat nodig is. “We moeten de tijd nu aangrijpen om te investeren in gezonde mobiliteit. Minister Wiebes zei het treffend: ‘Economie gaat niet alleen over het creëren van banen en geld verdienen, economie gaat ook over geluk, gezondheid en perspectief voor mensen. We moeten ons uit de crisis investeren om mensen dat te kunnen bieden’. We moeten dus nu aan de slag. De kernwoorden daarbij zijn: doordoen, doorpakken en doordenken.”

Met doordoen bedoelt Stevens het blijven uitvoeren van gedragspilots, maar wel op zo’n manier dat we de goede zaken daaruit moeten gaan opschalen. “Als we de gezonde reiziger centraal zetten dan willen we hun meningen en behoeftes over gezonde mobiliteit weten. Die halen we op, en met hen gaan we nieuwe en gezonde mobiliteitsconcepten uitproberen. Vervolgens leren we op basis van data en inzichten wat wel en niet werkt, we behouden het goede en schalen dit op. Door het te doen, maken we massa van nieuwe geslaagde, gezonde concepten.”

Love seats in het ov

Bij de tweede stap, het doorpakken, stropen we de mouwen op om beslissers en beleidsmakers zover te krijgen dat zij investeren om de omgeving gezonder in te richten. Stevens denkt daarbij concreet aan het transformeren van woonstraten naar wandelstraten en van stadsstraten naar fietsstraten zodat de anderhalvemetersamenleving de ruimte krijgt en de luchtkwaliteit verbetert. “Het gaat ook over het wijzigen van stedelijke wegen naar ‘parkeerinprikkers’ richting parkeergarages, naar het aanbrengen van privé-compartimenten, privé-werkcabines en, waarom niet, privé love seats, zoals in het theater in het openbaar vervoer en het inclusief maken van mobiliteit.”

Om dit op structurele basis te regelen moeten beleidsvisies worden herzien. Waar gezondheid, geluk en perspectief voor mensen nu randverschijnselen zijn van investeringen in mobiliteit ‘ten behoeve van het economisch vestigingsklimaat’ moeten die begrippen de norm worden om ons uit de crisis te investeren.

Voorzie de gehele reis van een set regels

“Voor onze economie is het woonwerk-verkeer een belangrijke vorm van mobiliteit. Echter tussen de woning, het werk en de mobiliteit zit geen keten,” betoogt Stevens. “Mobiliteit wordt separaat belast door de overheid en beloond door werkgevers. Thuiswerken schuift de drie schakels wel ineen. Er is geen mobiliteit meer nodig, tenzij we de digitale snelweg ook als mobiliteit gaan beschouwen. Woning en werkplek is één geworden. Mijn voorstel is om ook bij een reis de drie schakels integraal te voorzien van regels, belastingen, uitdagingen, gamification, mogelijkheden, tarieven, beloningen, etc. Dan wordt het meteen ook mogelijk om gezonde mobiliteit te stimuleren of te belonen. Als we het belangrijk vinden dat medewerkers in de gezondheidzorg ongehinderd en gezond op het werk komen, dan moeten we daar ook naar handelen. Dan betekent dit dat zij op het woonadres géén parkeervergunning nodig hebben, onderweg straks géén kilometerheffing hoeven te betalen en op het werk aangekomen bij de deur kunnen parkeren. Op deze manier kunnen beleidsmakers en werkgevers juist nu ervoor zorgen dat gezonde mobiliteit (en tegelijkertijd efficiëntere mobiliteit) wordt beloond en de norm wordt in het beleid.”